Schlußstück
Der Tod ist groß
Wir sind die Seinen,
Lachenden Munds.
Wenn wir uns mitten im Leben meinen
Wagt er zu weinen
Mitten in uns.
Wir sind die Seinen,
Lachenden Munds.
Wenn wir uns mitten im Leben meinen
Wagt er zu weinen
Mitten in uns.
Rainer Maria Rilke
Morgen Allerzielen. Het is vredig dood te zijn op het Geheime Eiland. Omringd door wilde venkel en uitkijkend over de blauwe zee.Tussen te jonge doden,
Tussen blije doden,
En tussen avontuurlijk doden.
Met het eeuwig geruis van de golven, de geur van vijg en wilde kruiden. Overdag de warme zon en 's avonds de beschermende schaduw van de berg.
Sterven en afscheid zijn smartelijk maar er is troost in een bezoek aan de doden. Vorige week, terug in het Noorden, bracht ik bloemen naar de graven van geliefde doden. De herfstbomen vormden gouden bogen maar het graf van mijn vader was overwoekerd door wild groeiende rozemarijn en lavendel. Hij - die pas opleefde in het Zuiden - is hier vast heel gelukkig mee...















